Studietaak 2: De trends in het denken over technologie in het onderwijs

Introductie

In deze studietaak maakt u kennis met de trends en ontwikkelingen in het denken over het gebruik van technologie in het onderwijs. Daarnaast exploreert u een aantal zelfgekozen ICT-toepassingen en probeert u deze binnen een bepaalde trend te plaatsen.

De visies op leren en onderwijzen zijn de afgelopen decennia aanzienlijk veranderd. In navolging hiervan zijn ook de opvattingen over de rol die technologie in het leerproces kan spelen veranderd. In de vroege cognitieve benaderingen speelt de computer de rol van de docent die de leerstof presenteert, uitlegt, demonstreert, toetst en informatieve feedback geeft. Deze rol is later ook wel aangeduid als ‘leren van de computer'.

De eerste ‘leren met de computer' denkbeelden komen uit de hoek van de gedistribueerde cognitie. Hier wordt de combinatie van mens en computer gezien als een cognitief systeem; de leerling en de computer werken samen en ‘verdelen' het werk. Een voorbeeld hiervan is de leerling die berekeningen maakt aan de hand van modellen die in spreadsheets zijn vastgelegd. De combinatie van mens en gereedschap lost de problemen (in dit geval de berekeningen) op. De computer wordt gebruikt als middel om lerenden andere representaties en modellen te laten ontwikkelen, een domein te verkennen met behulp van bijvoorbeeld simulaties, etc.

Dit sluit nauw aan bij constructivistische benaderingen, waarbij de computer vooral wordt ingezet om kennisconstructie te ondersteunen. De computer is dan vooral een coach die lerenden de kans biedt om problemen op te lossen aan de hand van verschillende representaties die hen ondersteunen bij het onderzoeken van andere perspectieven. In sociaal-constructivistische benaderingen is ook veel aandacht voor samenwerkend leren. In deze benaderingen schuift de rol van de computer nog verder weg van die van de docent; de computer is vooral een mediator die de samenwerking tussen lerenden faciliteert.

Een recente theorie, die ook wel getypeerd wordt als ‘a learning theory for the digital age', is het connectivisme (Siemens, 2004). Deze theorie legt de nadruk op verbanden of netwerken waarin individuele lerenden, maar ook groepen en instituten participeren. De computer wordt hierbij gezien als een onderdeel van deze flexibele netwerken. Voor een oriëntatie op de belangrijkste leertheorieën (waaronder het cognitivisme en constructivisme) en een kennismaking met het connectivisme kunt u de publicatie van Siemens (2004) ‘Connectivism: A learning theory for the digital age' lezen.

Onderstaand vindt u een aantal ICT-toepassingen: 

Opdracht

Kies drie toepassingen en zoek op het internet meer informatie hierover. Gaat het bij een specifieke toepassing om leren van of leren met de computer, m.a.w., in welke rol wordt de computer ingezet (docent, coach, mediator)? Richt een toepassing zich vooral op individueel of samenwerkend leren? En binnen welke trend zou u een toepassing plaatsen?

Zie het uitgewerkt voorbeeld voor een terugkoppeling op deze opdracht.